Een geografisch, demografisch en politiek overzicht van het huidige Vlaanderen.


In hedendaagse context gezien is Vlaanderen de noordelijke deelstaat van België. Op bestuurlijk vlak vormt ze het geheel van de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaams Gewest. Vlaanderen is één van de welvarendste en meest dichtbevolkte regio's in Europa. De hoofdstad van Vlaanderen is Brussel, Brussel vormt tevens ook een zelfstandig gewest.

Geografische gegevens


Grote steden: Antwerpen, Gent, Brugge, Leuven, Kortrijk, Mechelen, Hasselt, Oostende, Aalst, Sint-Niklaas, Genk.
De kustlijn is 66 km lang en grenst in het westen aan Frankrijk, in het Oosten aan Nederland.
Het landschap van Vlaanderen wordt algemeen omschreven als het deel van België dat laag België genoemd wordt, met aan de kust een zandstrand en een duinenstrook gevolgd door vruchtbare polders. Naar het oosten toe komt men in de Kempen met heide en dennenbossen, en vervolgens in het vruchtbare Haspengouw. De belangrijkste rivieren zijn de Schelde en de Maas, die via Nederland in de Noordzee uitmonden, en de IJzer.



Vlaamse Provincies



  1. Antwerpen
  2. Limburg
  3. Oost-Vlaanderen
  4. Vlaams-Brabant
  5. West-Vlaanderen



Dit is de officiële vlag van de Vlaamse gemeenschap. Er dient echter op gelet dat deze vlag slechts officieel werd aangenomen als vlag van de Raad voor de Nederlandse Cultuurgemeenschap in 1973, en later, in 1985, als vlag van de Vlaamse Gemeenschap. In 1990 kreeg ook het wapenschild de status van officieel symbool.
Een veel oudere versie van de Vlaamse Leeuw wordt de dag van vandaag liever gebruikt door Vlaamsgezinden om hun identiteit uit te drukken, ten eerste omdat die het oorspronkelijke wapenschild van Vlaanderen was en ten tweede (niet de minst belangrijke reden) omdat het rood in de leeuw teveel naar België verwijst (de rood-geel-zwarte kleuren van de Belgische driekleur). Verder in dit artikel zal er meer uitgebreid ingegaan worden op de heraldiek en de evolutie van onze geliefde vlag.
Hieronder een voorbeeld van de oorspronkelijke vlag (beschreven in oude heraldiek als 'Een leeuw van sabel op gouden veld'). Deze vlag wordt ook als 'De strijdvlag' omschreven:




Wat betekent het woord "Vlaanderen" ?
  • de maatschappelijke gemeenschap van de Vlamingen, met meer dan 6 miljoen mensen de meerderheid van de Belgische bevolking;
  • het grondgebied van de Vlaamse Gemeenschap, bestaande uit het Nederlandstalig Vlaams Gewest en het tweetalig Brussels Hoofdstedelijk Gewest, die de politieke vertegenwoordiging van de Nederlandstaligen in België vormt en bevoegd is voor de persoonsgebonden materies;
  • het grondgebied van het eentalig Nederlandse Vlaams Gewest, waar het Brussels Hoofdstedelijk Gewest geen deel van uitmaakt, dat vooral bevoegd is voor economische materies, maar is opgegaan in de Vlaamse Gemeenschap, waardoor er slechts één Vlaamse Regering en één Vlaams Parlement is;
  • het geografische gebied dat overeenstemt met het grondgebied van het middeleeuwse Graafschap Vlaanderen: de huidige provincies Oost- en West-Vlaanderen, Frans-Vlaanderen en Zeeuws-Vlaanderen
(Over dit laatste punt zal er in meer detail gesproken worden in een verder hoofdstuk).

Politiek


Politieke bevoegdheden

Vlaanderen is sinds de staatshervorming een deelstaat van België, met een eigen regering, een eigen parlement, een eigen begroting en eigen inkomsten en wordt bestuurskundig doorgaans aangeduid als de Vlaamse Gemeenschap. Deze laatste is zowel bevoegd voor gemeenschapsmateries als voor gewestmateries en wordt bestuurd door één parlement en één regering in tegenstelling tot Wallonië, waar deze bevoegdheden in aparte raden ondergebracht zijn, namelijk de Waalse Gewestraad en de raad van de Franse Gemeenschap. De bevoegdheden van de Belgische federale overheid en deze van de Vlaamse (en andere) deelregeringen worden vastgelegd door democratisch overleg tussen de verschillende gemeenschappen en evolueren nog steeds. In Vlaanderen wordt echter aangedrongen op grondwettelijke autonomie. Vlaanderen wil zijn eigen fiscale, bestuurlijke, lokale en intermediaire zaken zelf regelen. De bevoegdheden die Vlaanderen nu heeft zijn vastgelegd in de Belgische Grondwet en de Bijzondere Wet op de Hervorming van de Instellingen.

Vlaanderen verwierf haar huidige autonomie pas na een lang ontvoogdingsproces. In het België van 1830 genoten de Vlamingen beperkte politieke rechten en werd hun taal, het Nederlands, gediscrimineerd en zelfs verboden in het openbare leven, dit ten voordele van het Frans. In de tweede helft van de 19de eeuw ontstond een Vlaamse Beweging. Die verwierf pas enige politieke invloed na 1900, mede door de invoering van het algemeen, universeel stemrecht. De rol van het Nederlands in Vlaanderen werd langzamerhand wettelijk erkend in de rechtspraak, het onderwijs, de administratie en de politiek. Het duurde daarna nog tot het laatste kwart van de 20ste eeuw voor de Vlamingen gelijke rechten verwierven. Het feit dat Vlaanderen vanaf de jaren 1960 uitgroeide tot één van de sterkste economische regio's in de wereld, en Wallonië met een verouderde "smokestack" industrie in een economische crisis verkeert, heeft hoogstwaarschijnlijk een belangrijke rol hierbij gespeeld.

In de staatshervormingen van die periode werden door de Belgische wetgever autonome gewesten en gemeenschappen voorzien. Vlaanderen besliste in 1980 om de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaamse Gewest samen te voegen. Het heeft nu één Vlaams Parlement en één Vlaamse regering. De in Brussel gekozen leden van het parlement kunnen evenwel niet meestemmen over Vlaamse gewestaangelegenheden. De Vlaamse regering heeft haar zetel in Brussel, net als de Belgische regering (de Waalse regering heeft zijn zetel in Namen).

  • Inzake de gewestbevoegdheid is het Vlaams Gewest op zijn grondgebied bevoegd voor 'grondsgebonden' materies als economie, werkgelegenheid, wegen, ruimtelijke ordening en milieu. Voor vele van deze bevoegdheden moet het echter de bevoegdheid delen met de Belgische regering. Daarenboven heeft Vlaanderen zeer weinig eigen fiscale inkomsten. Het is -net zoals de andere deelstatelijke overheden- in hoge mate afhankelijk van de Belgische schatkist.
  • De Vlaamse Gemeenschap omvat alle inwoners van het Vlaams Gewest en de inwoners van het tweetalig Brussels Hoofdstedelijk Gewest die Nederlands spreken. Het is bevoegd voor taal, cultuur, onderwijs en de zogenoemde 'persoonsgebonden materies', welzijns- en gezondheidszorg

Vlaanderen beschikt dus, in vergelijking met andere deelstaten in federale landen zoals Canada, Zwitserland, Duitsland en de VS, over minder bevoegdheden en minder fiscale autonomie. Zo behoudt de nationale wetgever de bevoegdheid over de volledige sociale zekerheid, daar waar de meeste andere federale staten hierin een gedeelde verantwoordelijkheid voor nationale en deelstatelijke overheden kennen. Op andere domeinen gaat de autonomie dan weer veel verder dan in andere federale staten. Zo zijn in België de deelstaten autonoom bevoegd om verdragen te sluiten, waar dat in andere federale staten enkel kan onder toezicht en mits goedkeuring van de federale overheid. Vlaanderen blijkt ook over weinig autonomie te beschikken inzake de feitelijke keuze van haar regeringscoalitie. Tot nu toe dwongen de grote partijen steeds eenzelfde coalitie af als in de nationale regering. Hierin is verandering gekomen in 2004, toen de deelstaatverkiezingen voor het eerst niet meer samenvielen met de federale verkiezingen. Door deze tekorten vertoont de Belgische staat nog steeds sterke unitaire kenmerken, en tegelijk ook vele federale en zelfs enkele confederale kenmerken (zoals de noodzakelijke dubbele meerderheden nodig voor wijzigingen aan een bijzondere wet).



Vlaams parlement

Het Vlaams Parlement wordt om de 5 jaar verkozen. Het bestaat uit 124 Vlaamse volksvertegenwoordigers die rechtstreeks worden verkozen (recentste verkiezing: 10 juni 2007). Het is de volksvertegenwoordiging van de Vlaamse Gemeenschap en geniet alle wettelijke bevoegdheden in de regio Vlaanderen én voor alle instellingen van de Vlaamse Gemeenschap, zoals alle Nederlandstalige scholen (met inbegrip van deze in Brussel), dus ook voor de Franstalige scholen in Vlaamse faciliteitengemeenten. Zij duidt tevens de ministers van de Vlaamse regering aan.

Vlaamse regering
De Vlaamse regering wordt benoemd door het Vlaams Parlement met ten hoogste elf ministers en geleid door de minister-president.
Lijst van de minister-presidenten van Vlaanderen:
  • Gaston Geens, 1981-1992, CVP
  • Luc Van den Brande, 1992-1999, CVP
  • Patrick Dewael, 1999-2003, VLD
  • Bart Somers, 2003-2004, VLD
  • Yves Leterme, 2004-2007, CD&V
  • Kris Peeters, 2007-heden, CD&V


Politieke partijen

Gedurende het grootste deel van de twintigste eeuw werd de politiek in Vlaanderen -grotendeels onder het 'unitaire, Belgische bewind'- gedomineerd door de christelijke, socialistische en liberale partijen (toen CVP, BSP en PVV). (Tijdens de jaren 1960 en 1970 zijn deze vroegere unitaristische parijen opgesplitst in aparte Vlaamse, Franstalige en enkele Duitstalige partijen). Deze drie waren sterk verbonden met aanverwante syndicale en sociale organisaties. Men spreekt voor die conglomeraten over de 'zuilen'. Ze bestaan ook langs Franstalige kant. De zuilen slaagden er in om in de voorbije eeuw hun stempel te drukken op het politieke en maatschappelijke bestel in Vlaanderen en België. Dat leidde tot een samenleving waarin sociaal overleg altijd een grote rol heeft gespeeld.

Ook in het autonome Vlaanderen van vandaag worden heel wat politieke beslissingen voorafgegaan door al dan niet bindend overleg tussen sociale bewegingen, vakbonden, mutualiteiten, werkgeversorganisaties en overheid. Dat heeft in de vorige eeuw geleid tot een samenleving met een vrije markt, gekoppeld aan sterke sociale bescherming. Een systeem dat ook een hoge welvaart creëerde voor de grote meerderheid van de Vlamingen. De verzuiling had echter ook kwalijke gevolgen. Politieke benoemingen in overheidsdiensten waren schering en inslag. Dat leidde tot een log overheidsapparaat dat veel geld verslond en waarvan de dienstverlening niet altijd even adequaat was. Vandaag is de verzuiling alvast in Vlaanderen heel sterk teruggedrongen. Het Vlaamse overheidsapparaat scoort doorgaans vrij hoog in internationale studies. Politieke benoemingen zijn fel verminderd.

Op 14 december 1954 ontstond ook een Vlaamsgezinde pluralistische partij, de Volksunie. Deze raakte wel soms in de regering en werd zelfs een middelgrote partij. Op 13 oktober 2001 viel deze partij uit elkaar in links-liberale partij (Spirit) en een nationalistische vleugel (N-VA). Spirit sloot in 2002 een kartel met de SP.A en N-VA deed in 2004 hetzelfde met de in de in CD&V omgedoopte christelijke volkspartij (CVP). Individuele ex-Volksunie-mandatarissen sloten zich ook aan bij de liberale VLD en de CD&V.

In de jaren zeventig ontstond ook een van de eerste groene partijen in Europa, Agalev (een letterwoord voor "Anders GAan LEVen"). Deze haalde als eerste groene partij zelfs volksvertegenwoordigers. Ze maakte van 1999, na de dioxinecrisis, tot 2004 deel uit van de Vlaamse regering (en tot 2003 van de federale regering). De partij betaalde hiervoor wel een zeer zware electorale prijs in de federale verkiezingen van 2003 en de Vlaamse verkiezingen van 2004. Op 15 november 2003 koos Agalev voor een nieuwe naam: Groen!.

Eind jaren '70 ontstond uit onvrede van een aantal Vlaams-nationalisten met het Egmontpact en de deelname van de VU aan een regering met onder meer het radicaal-francofone FDF, het rechtse en nationalistische Vlaams Blok. Deze partij groeide gestaag, mede door haar standpunten rond vreemdelingen, en na haar grote vooruitgang bij de verkiezingen in 1991 spraken de andere Vlaamse partijen af om op geen enkel vlak (van nationaal tot gemeentelijk) coalitieafspraken aan te gaan met deze partij (het zogenaamde cordon sanitaire). In 2004 werd een rechtszaak aangespannen tegen enkele vzw's rond het Vlaams Blok wegens racisme. Het Hof van Beroep te Gent veroordeelde na een gerechtelijk circus deze vzw's vanwege hun medewerking met een racistische organisatie. De partij veranderde hierna haar naam in het Vlaams Belang, maar behield intern haar standpunten. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2006 ging het Vlaams Belang in vrijwel alle steden vooruit en boekte het winst. Het boekte wel een morele nederlaag door een kleine achteruitgang in Antwerpen, waar het niet langer de grootste partij is.

Ook werd er nog een nieuwe partij opgestart in 2007 door Oostendenaar en voormalig nationale judocoach Jean-Marie Dedecker, die na interne strubbelingen uit de VLD gezet werd. De partij, genaamd "Lijst Dedecker (LDD)" vertoont ook een rechtse en Vlaamse reflex, zij staan bijvoorbeeld een volledige vrije meningsuiting voor en hebben het ook niet zo hoog op met de Belgische staat. Tevens zijn ze ook fel gekant tegen de toetreding van Turkije tot de Europese gemeenschap. De partij behaalde bij de verkiezingen van 2007 een verrassende score.

Logo's van de bijzonderste Vlaamse partijen (Alfabetisch)

Vlaams Belang


Aan deze pagina zal nog veel informatie toegevoegd worden, doch, zoals eerder gezegd is dit de meest complexe pagina van de stek, een pagina die ook de meeste informatie bevat, en daardoor kruipt er ook in het ontwerp ervan heel wat tijd en moeite.

Bronnen: Wikipedia
Met een speciaal woordje van dank aan de VVB (Afdeling Ardooie) voor het leveren van grafisch materieel.
(Zie de verwijspagina voor verdere informatie over de VVB).

Naar <Boven>